Werkstress en bewegen

Psychische aandoeningen en gedragsstoornissen staat in 2014 op nummer 1 als het gaat om beroepsziekten. Een ziekte waar wij als de werkende Nederlander zelf iets aan kunnen doen. Niet alleen de werkgever is verantwoordelijk voor werkdruk, ook wijzelf kunnen daar iets aan veranderen. Belangrijk is dat je een balans gaat vinden in je leven, waarbij je ontspannen en met plezier kan werken. De vraag daarbij: hoe doe je dat? In deze blog een aantal tips, die je gaan helpen antwoord te geven op deze vraag.

Stress
Stress is een vorm van spanning. Wanneer je teveel of te lang spanning maakt kan dit zorgen voor stress en leiden tot klachten. Wanneer deze stress te lang aanhoudt, kun je overspannen raken of een burn-out krijgen.
Bovengenoemde stress kan onder andere ontstaan door het werk. Bijvoorbeeld wanneer je meer werk moet uitvoeren dan mogelijk is in de tijd die je daarvoor hebt te besteden of wanneer je werksfeer op het werk negatief is. Wanneer je dit herkent, geef ik als tip dit te bespreken met je leidinggevende. Problemen bespreekbaar maken richting je leidinggevende kan zorgen voor verbetering van de situatie, waardoor het stress niveau daalt.
(bron: Gezondheidsplein)

Bewegen
Naast het bespreekbaar maken van de situatie is bewegen ook goed voor de ontspanning. Stress zorgt voor een bepaalde basisspanning die te hoog is voor het lichaam. Door te bewegen kan je deze spanning loslaten en kan ontspanning ontstaan. Bewegen kan heel simpel zijn. Voer al wandelend met je college het werkoverleg uit. Ga tijdens de pauze een rondje lopen, neem een collega mee en bespreek tijdens deze wandeling andere zaken dan die van het werk. Het kan je een hoop gezelligheid en ontspanning bieden.

Natuurlijk kan je ook kleine oefeningen doen om even de spanning in het lichaam los te laten. Hieronder twee korte oefeningen:

Oefeningen 1: Spannen en ontspannen van de schouder
Begin positie: zitten of staan.
Voor de oefening: voel hoe de schouders voelen.
Oefening: trek beide schouders zo hoog mogelijk op naar de oren. Hou dit 2 à 3 tellen vast. Hierna laat je de schouders langzaam in 8 tellen zakken. Herhaal dit 3 keer.
Na de oefening: voel hoe de schouders voelen. Zijn ze meer ontspannen of zijn ze meer naar beneden gezakt?

Oefening 2: Loszwaaien van het lichaam
Begin positie: sta op twee benen. Gewicht gelijk verdeelt. Knieën iets gebogen.
Voor de oefening: zorg ervoor dat je voldoende ruimte om je heen hebt.
Oefening: draai met het bovenlichaam van links naar rechts waarbij de armen als een zweefmolen op en neer bungelen. Hierbij worden de armen los gezwaaid en haal je de kracht uit de romp en benen. Doe die ongeveer één minuut
Na de oefening: voel je het bloed meer stromen richting de vingers. Worden de handen warm of beginnen ze te tintelen.

Probeer de spanning te verminderen door het bespreekbaar te maken en door meer in beweging te komen. Je kan het!

Carolien